Een nieuwe lesmethode kiezen kan een hele kluif zijn. Er zijn talloze aanbieders en uitgevers waardoor je voor ieder vak verschillende opties hebt. Binnen het team leven vaak ook nog eens verschillende eisen en wensen. Je wilt voorkomen dat je door de bomen het bos niet meer ziet, of dat je tijdens het keuzeproces vastloopt in eindeloze discussies met het team. Een methodekeuze begint daarom niet bij het aanvragen van zichtzendingen, maar met een scherpe blik op de huidige situatie. Daarna ga je pas de verschillende, nieuwe methodes evalueren.
De motivatie om het lesmateriaal te vernieuwen kan voor iedere school anders zijn. Waarom ga je op zoek naar een nieuwe lesmethode? Vaak beginnen scholen aan dit proces om een van de volgende redenen:
Zodra je weet waarom je op zoek gaat naar een nieuwe methode, bepaal je de criteria. Wat is voor jullie als team belangrijk? Bepaal vooraf welke onderdelen voor jullie school doorslaggevend zijn. Door aan die specifieke punten een hogere weging toe te kennen (bijvoorbeeld factor 2 of 3), kun je samen doelgericht en op de inhoud een keuze maken. Zo voorkom je dat het teveel gaat over randzaken als vormgeving die minder doorslaggevend zijn dan bijvoorbeeld de achterliggende didactiek.
Wanneer je op zoek bent naar een nieuwe methode is het verleidelijk om hiervoor direct allerlei zichtzendingen en proefperiodes aan te vragen. Begin echter altijd eerst met het beoordelen van je huidige lesmateriaal. Doe dit aan de hand van dezelfde criteria die je gaat stellen aan een nieuwe methode. Zo’n nulmeting geeft direct een eerlijke blik op de actuele situatie. Je ziet meteen wat de voordelen of nadelen van een nieuwe methode zijn ten opzichte van wat je al hebt.
Een methode-evaluatie doe je niet alleen. Een werkgroep bedenkt misschien vooraf wat belangrijk is, maar uiteindelijk gaat het om het hele team dat met een nieuwe methode moet gaan werken. Vul de evaluatie daarom in per leerkracht of bouw om een zo objectief mogelijk gemiddelde te krijgen.
Vergeet daarnaast niet om gerichte feedback aan de leerlingen te vragen. Een methode kan op papier perfect lijken, maar de praktijkervaring in de klas blijft doorslaggevend. Wat je ziet gebeuren bij de leerlingen door het gebruik van een methode is uiteindelijk het belangrijkst.