Blog

Digitalisering biedt middelen om de uitdagingen in het onderwijs aan te gaan

Als digitalisering in het basisonderwijs onvermijdelijk is, hebben we gezamenlijk de taak om hier de juiste vorm aan te geven. Dat gaat niet vanzelf. Het ministerie van OCW komt hiervoor na de zomer met een Regieplan Digitalisering. Omdat we zelf actief bij willen dragen aan innovatie in het onderwijs, slaan we met verschillende Nederlandse EdTech-organisaties de handen ineen. Dankzij onze dagelijkse samenwerking met scholen en leerkrachten kennen we de onderwijspraktijk van binnenuit. We zien in digitalisering nieuwe mogelijkheden, maar bovenal de middelen om het hoofd te bieden aan alle uitdagingen waar het basisonderwijs mee kampt.

digitalisering in het onderwijs


Innovatie is geen luxe, maar voorwaarde voor kwalitatief onderwijs

Om de basisvaardigheden op een hoger niveau te krijgen, zijn al veel verbeteringen in het onderwijs doorgevoerd. Het resultaat hiervan is echter nog niet overal op het streefniveau dat we met z'n allen voor ogen hebben. Daarnaast hebben we te maken met uitdagingen, zoals toenemende niveauverschillen tussen leerlingen en regio’s, een tekort aan leerkrachten en een groeiende werkdruk.

Innovatie is daarom geen luxe, maar een keiharde voorwaarde om de kwaliteit van ons onderwijs op peil te houden én verder te verbeteren. Gelukkig hebben we hiervoor in Nederland al een ijzersterke basis gelegd, zo stellen we in een open brief aan de staatssecretaris:

"Ons onderwijsstelsel scoort internationaal op verschillende vlakken hoog en er is in de afgelopen decennia een digitaal-pedagogisch ecosysteem opgebouwd dat in Europa zeldzaam is."


Naast de enorme hoeveelheid kansen die digitalisering in het klaslokaal biedt, zien – en delen – we de terechte zorgen in de samenleving hierover. Juist daarom is het cruciaal dat de digitalisering in het onderwijs aan duidelijke voorwaarden voldoet.

EdTech-sector in gesprek met overheid 

Dat de overheid de regie moet nemen als het gaat om digitalisering in het onderwijs, wordt vanuit de politiek breed erkend. De kwaliteit van het onderwijs moet daarbij altijd op één staan. Dit was ook de uitkomst van een recent debat van bijna drie uur in de Tweede Kamer. Die visie onderschrijven wij volledig. 

De staatssecretaris van Onderwijs heeft toegezegd na de zomer met een Regieplan Digitalisering te komen en met de sector in gesprek te gaan. Om hierin het voortouw te nemen, hebben we een open brief naar Den Haag gestuurd. Daarin formuleren we zes randvoorwaarden die we onszelf opleggen én die wat ons betreft het perfecte startpunt vormen voor een adviserend gesprek met de staatssecretaris. 

1. De leerkracht blijft aan het roer 

Technologie moet bedoeld zijn om de leerkracht te ondersteunen op de momenten die er écht toe doen, zoals bij het differentiëren, signaleren en bijsturen. Het kan de leerkracht niet vervangen. Daarom moet elke maatregel binnen het Regieplan getoetst worden aan één centrale vraag: Versterkt het de leerkracht in het dagelijks werk? De leerkracht houdt de regie en technologie moet zorgen voor meer professionele ruimte. 

2. Professionele ontwikkeling moet de klas bereiken

Er is voldoende budget voor de professionele ontwikkeling van leerkrachten, maar dat vertaalt zich op dit moment nog te weinig naar een veranderende lespraktijk. Leerkrachten zitten niet te wachten op nóg meer losse scholingsdagen; zij hebben behoefte aan betere en directe ondersteuning op de werkvloer. Tijdens het lesgeven kan technologie daar perfect aan bijdragen. Het Regieplan zou zich daarom nadrukkelijk moeten richten op vormen van ondersteuning die al naadloos in de lespraktijk zijn ingebed, zoals tools die helpen bij het differentiëren of direct signaleren waar leerlingen vastlopen.

3. Innovatie moet evidence-informed en transparant zijn

Innovatie en nieuwe leermiddelen moeten aantoonbaar bijdragen aan beter onderwijs. Het huidige kwaliteitskader voor leermiddelen is hiervoor een mooi begin, maar richt zich tegelijkertijd nog te veel op traditionele, methodisch-gestructureerde aanpakken. Digitale en systeemgerichte benaderingen vallen daardoor vaak buiten de boot.

Gelukkig is er steeds meer aandacht voor evidence-informed werken in het onderwijs, maar er worden op dit moment nog geen uniforme eisen aan leermiddelen gesteld. Voor zowel nieuwe als bestaande aanbieders moet exact dezelfde bewijslast gelden. Met het Regieplan hebben we een uitgelezen kans om hier uniformiteit in aan te brengen. Zo wordt bewezen kwaliteit doorslaggevend in plaats van gewoonte, en weten scholen precies waar ze aan toe zijn.

4. AI in het onderwijs vraagt om eigen kaders

De opmars van kunstmatige intelligentie (AI) gaat overal ter wereld razendsnel, óók in de klas. Dit vereist snelle, maar vooral behapbare richtlijnen voor zowel didactisch als ethisch gebruik. Deze regels mogen innovatie echter niet dusdanig afremmen dat scholen (bij gebrek aan werkbare alternatieven) alsnog uitwijken naar de ongereguleerde platforms van grote techreuzen. Het Regieplan moet richting geven aan het gebruik van AI, met als doel een eigen, veilig en werkbaar kader. Naast duidelijke regels is er in de klas bovendien veel behoefte aan actieve ondersteuning bij het gebruik ervan.

5. Verminder afhankelijkheid van Big Tech, maar pragmatisch

Op dit moment leunt het onderwijs nog sterk op 'Big Tech'. Maar didactische keuzes mogen nóóit gedicteerd worden door de verdienmodellen van grote, buitenlandse techbedrijven. Hoewel we deze afhankelijkheid moeten en willen afbouwen, ontbreken schaalbare Europese alternatieven momenteel simpelweg nog. Dit vraagt om een pragmatische aanpak: geen acuut verbod op wat nu werkt, maar gerichte investeringen en het scheppen van de juiste marktcondities. In het Regieplan moet de aanpak gericht zijn op eerlijke concurrentie, waarbij onderwijskwaliteit altijd centraal staat.

6. Devices als basisinfrastructuur en voorwaarde voor de voorgaande condities

De eerste vijf punten zijn volstrekt kansloos als leerlingen geen toegang hebben tot de juiste apparatuur. Een goed device mag simpelweg geen privilege zijn. Net als schoolboeken, dienen laptops en tablets gezien te worden als onmisbare basisinfrastructuur. Het is aan de overheid om te garanderen én faciliteren dat elk kind in Nederland een passend device heeft. Vervolgens houden de scholen zelf de regie over de exacte inrichting en organisatie hiervan, passend bij hun eigen schoolvisie.

Hoe nu verder?

Binnen het Nederlandse onderwijsstelsel bruist een actief ecosysteem van onderwijstechnologiebedrijven. We hebben de inhoudelijke expertise in huis, delen een heldere visie op de toekomst én we weten wat er dagelijks speelt in de klaslokalen. De open brief aan de staatssecretaris is geïnitieerd door Anouk Binkhuysen van Faqta en Martijn Allessie van Snappet, en werd ondertekend door tientallen Nederlandse EdTEch bedrijven die samen de Dutch Edtech Task Force vormen.

dutch-edtech

Met deze brief leverden we een eerste constructieve bijdrage aan het Regieplan. Binnenkort gaan we namens de sector op het ministerie van OCW nader in gesprek over de randvoorwaarden waar digitalisering in het onderwijs wat ons betreft moet voldoen. De EdTech-sector staat dan ook nadrukkelijk niet aan de zijlijn, maar wil en kan actief meepraten over de inrichting van het Regieplan Digitalisering in het onderwijs. 

Nog geen reacties

Laat een reactie achter